**1..** De aanvraag om subsidie geschiedt door middel van een door het college vastgesteld formulier.
**2..** Bij de aanvraag om een subsidie ten behoeve van een haalbaarheidsonderzoek dient te worden overlegd een gespecificeerde aan het onderzoeksopzet gerelateerde begroting, alsmede de met de onderzoekswerkzaamheden verband houdende kosten en baten, voorzien van een duidelijke toelichting.
**3..** Bij de aanvraag om een subsidie ten behoeve van een restauratie van een monument of conservering dienen te worden overlegd:
een bestek, een daaraan gerelateerde gespecificeerde begroting op basis van een door burgemeester en wethouders voorgeschreven formulier en aan de begroting gerelateerde plan- en detailtekeningen met foto's van de bestaande toestand met aanduiding van -de gebreken c.q. bouwtechnische toestand;
een recent inspectierapport opgesteld door de afdeling Bouw- en Woningtoezicht of een andere onafhankelijke deskundige of onafhankelijke deskundige instelling.
Een kopie van een verzekeringsovereenkomst tegen brand-, storm- en bliksemschade ten behoeve van het monument;
Indien van toepassing een verklaring, waaruit blijkt dat op grond van de Wet op de omzetbelasting (Staatsblad 1968, 329) geen BTW verschuldigd is over de gemaakte subsidiabele kosten.
Het College van Burgemeester en wethouders kunnen bepalen dat naast de in het derde lid bedoelde bescheiden ook andere bescheiden worden overgelegd, waartoe onder meer gespecificeerde offertes kunnen behoren.
**4..** Indien blijkt dat de aanvrager niet de verlangde gegevens heeft overlegd, stellen burgemeester en wethouders de aanvrager binnen 4 weken na de ontvangst van de aanvraag in de gelegenheid alsnog binnen 2 weken de door hen aan te geven ontbreken de gegevens over te leggen.
**5..** Indien toepassing is gegeven aan het vierde lid en de aanvrager niet binnen de in het vijfde lid bedoelde termijn van 2 weken de ontbrekende gegevens heeft overgelegd, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen met ingang van de dag, volgend op de laatste dag van de in dat lid bedoelde termijn van 2 weken tenzij terzake een ontheffing is verleend als bedoeld in artikel 21 van deze regeling.