**1..** Als de jongere zich tegenover het college of zijn ambtenaren en anderen aan wie zij taken gedelegeerd en/of gemandateerd hebben op grond van de wet, zeer ernstig misdraagt als bedoeld in artikel 41, eerste lid van de wet, wordt een maatregel opgelegd.
**2..** De op te leggen maatregel bedraagt:
10% van de WIJ-norm gedurende 1 maand voor het vertonen van hinderlijk gedrag;
20% van de WIJ-norm gedurende 1 maand bij het uiten van verbaal geweld of belediging in woord of gebaar;
50% van de WIJ-norm gedurende 1 maand bij ernstige bedreigingen, intimidatie en zaakgericht geweld;
100% van de WIJ-norm gedurende 1 maand bij mensgericht geweld.
**3..** Bij een combinatie van misdragingen wordt de hoogste maatregel opgelegd die behoort bij het type misdraging.
**4..** Van het opleggen van de maatregel bedoeld in het tweede lid, onderdelen a en b kan worden afgezien en worden volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing, tenzij het verbale geweld plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de jongere een schriftelijke waarschuwing in verband met ernstige misdragingen is gegeven.
**5..** In afwijking van het tweede lid kan een maatregel worden opgelegd van 100 procent van de WIJ-norm, als binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel als bedoeld in het eerste lid, is opgelegd, sprake is van een zelfde als verwijtbaar aan te merken gedraging. Met een besluit waarmee een maatregel is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om af te zien van het opleggen van een maatregel op grond van dringende redenen, als bedoeld in artikel 6, tweede lid.
HOOFDSTUK 4 ZEER ERNSTIGE MISDRAGINGEN
Artikel 12
Zeer ernstige misdragingen
Onderdeel van De Maatregelenverordening Wet investeren in jongeren Wormerland 2009