**1..** Als inzamelmiddel of inzamelvoorziening voor de inzameling van bepaalde categorieën huishoudelijke afvalstoffen ten behoeve van de
gebruiker van een perceel, als bedoeld in artikel 9, tweede lid van de
afvalstoffenverordening, is aangewezen:
Inzamelmiddel:
De grijze minicontainer voor huishoudelijk afval van een inhoud van
80, 140 of 240 liter (verstrekt door de inzameldienst, als bedoeld
in artikel 7, eerste lid van de afvalstoffenverordening) voor
restafval.
De groene minicontainer of grijze minicontainer met een groene
deksel van een inhoud van 80, 140 of 240 liter (verstrekt door de
inzameldienst, als bedoeld in artikel 7, eerste lid van de
afvalstoffenverordening) voor gft afval.
Een grijze minicontainer met of zonder blauwe deksel of groene
minicontainer (verstrekt door de inzameldienst, als bedoeld in
artikel 7, eerste lid van de afvalstoffenverordening) voor oud
papier en karton van een inhoud van 240 liter.
Een grijze minicontainer met oranje deksel van een inhoud van 240
liter (verstrekt door de inzameldienst, als bedoeld in artikel 7,
eerste lid van de afvalstoffenverordening) voor kunststof
verpakkingen.
Ondergrondse containers in de milieuparkjes of bovengrondse
containers voor textiel, glas, sap- en zuivelpakken,
kunststofverpakkingen en oud papier en karton.
Textiel moet bij huis-aan-huis inzameling door charitatieve
instellingen aangeboden worden in plastic zakken die direct vooraf
aan de inzameling worden verspreid.
De chemobox voor klein chemische afval die moet worden aangeboden
aan de chemokar of worden gebracht naar het kca-depot bij de
afvalbrengpunten.
**2..** Per perceel staat minimaal als inzamelmiddel een grijze en een groene
minicontainer voor de inzameling van respectievelijk rest- en gft-afval ten
behoeve van de gebruiker van een perceel, als bedoeld in artikel 9, tweede
lid van de afvalstoffenverordening.
**3..** De gebruiker van een perceel kan kiezen uit een minicontainer van 80, 140
of 240 liter met uitzondering van oud papier en kunststof verpakkingen. Als
de gebruiker van een perceel geen keuze heeft gemaakt dan wordt door de
inzameldienst als standaardset een grijze minicontainer van 140 liter en een
groene minicontainer van 140 liter bij het perceel geplaatst.
**4..** In het geval geen gebruik wordt gemaakt van de grijze en/of de groene
container, heeft dit geen invloed op de verplichting tot het betalen van de
afvalstoffenheffing. In alle gevallen is altijd het vastrecht van de
afvalstoffenheffing verschuldigd.
**5..** Als door een gebruiker van een perceel gebruik wordt gemaakt van een
ondergrondse verzamelvoorziening dan wordt uitgegaan van een inhoud van 60 liter voor
restafval en 20 liter voor gft-afval.
**6..** De inzameldienst, als bedoeld in artikel 7, eerste lid van de
afvalstoffenverordening, stelt per perceel één set minicontainers
beschikbaar, bestaande uit minicontainers voor de categorieën van
afvalstoffen die bij het betreffende perceel worden ingezameld. Dit zijn:
een grijze minicontainer voor huishoudelijk restafval;
een groene minicontainer voor groente-, fruit- en tuinafval.
**7..** Op verzoek van een gebruiker van een perceel stelt de inzameldienst, als
bedoeld in artikel 7, eerste lid van de afvalstoffenverordening, een grijze
of groene minicontainer (met sticker oud papier) cq. grijze container met
blauwe deksel voor oud papier en karton, een grijze container met oranje
deksel voor kunststof verpakkingen en/of een chemobox voor klein chemisch
afval beschikbaar.
**8..** De inzameldienst, als bedoeld in artikel 7, eerste lid van de
afvalstoffenverordening, stelt tegen betaling aan de gebruiker van een
perceel die daarom verzoekt maximaal één extra minicontainer voor rest-
en/of gft-afval ter beschikking.
**9..** De inzameldienst kan een inzamelmiddel bij de gebruiker van perceel
innemen, als blijkt dat dit inzamelmiddel langdurig niet wordt gebruikt voor
het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan de
inzameldienst.
**10..** Voor uitsluitend bladafval worden binnen de bebouwde kommen bladkorven
geplaatst. Deze worden geplaatst in de periode 1 oktober tot 15 december
2012. De aantallen en de locaties worden door het college bepaald.