Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 17.

Overschrijving van verleende rechten

Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen voor de gemeenten Huizen 2013

1.. Het recht op een particulier graf kan op aanvraag van de rechthebbende worden overgeschreven op naam van diens echtgeno(o)t(e)e/geregistreerd partner of een andere natuurlijk persoon zijnde bloed- of aanverwant tot en met de derde graad. 2.. Na het overlijden van de rechthebbende kan het recht op het particuliere graf worden overgeschreven op naam van diens echtgeno(o)t(e)e/geregistreerd partner of een natuurlijk persoon zijnde bloed- of aanverwant tot en met de derde graad, indien de aanvraag daartoe wordt gedaan binnen zes maanden na het overlijden van de rechthebbende. Indien de overleden rechthebbende in het graf dient te worden begraven, of indien de asbus met zijn resten in het graf dient te worden bijgezet, dient het verzoek tot overschrijving daaraan voorafgaand te worden gedaan. 3.. Wanneer nabestaanden ontbreken, kan de rechthebbende bij laatste wil of bij notariële akte bepalen dat de rechten worden overgeschreven op naam van de notaris die de nalatenschap beheert of op naam van de Stichting Grafzorg Nederland. 4.. Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot overschrijving aan het college niet wordt gedaan binnen de in het tweede lid van dit artikel gestelde termijn van zes maanden, is het college bevoegd het recht op het particuliere graf te doen vervallen. 5.. Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van zes maanden kan het college het particuliere graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende, tenzij dit recht betrekking heeft op een particulier graf dat inmiddels is geruimd. 6.. Het college kan in bijzondere gevallen van het bepaalde in de voorgaande leden afwijken.

Rechtspraak bij dit artikel