Raadsbesluit
(bijlage 2 van Legesverordening)
Titel 2
Dienstverlening vallend onder fysieke
leefomgeving/omgevingsvergunning
Titel 2
Begripsomschrijvingen
Tarieven
Hoofdstuk 1
2013
2.1.1
Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:
2.1.1.1
Aanlegkosten:
de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in
paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve
Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), voor
het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming
van de aanlegkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen.
Indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door
zelfwerkzaamheid geschieden wordt in deze titel onder aanleg-
kosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economische
verkeer zou moeten worden betaald voor de werken of werk-
zaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft;
2.1.1.2.
Bouwkosten:
de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in
paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve
Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), voor
het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming
van de bouwkosten, exclusief omzetbelasting, bedoeld in het
normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad
laatstelijk is vervangen of gewijzigd.
Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid
geschiedt wordt in deze titel onder bouwkosten verstaan: de
prijs die aan een derde in het economische verkeer zou moeten
worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk
waarop de aanvraag betrekking heeft.
2.1.1.3.
Sloopkosten:
de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in
paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve
Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), voor
het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming
van de sloopkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen.
Indien het slopen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid
geschiedt wordt in deze titel onder sloopkosten verstaan: de
prijs die aan een derde in het economische verkeer zou moeten
worden betaald voor het slopen van het bouwwerk waarop de
aanvraag betrekking heeft.
2.1.1..4.
Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
2.1.2.
De in deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn
omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de
Wabo bedoeld.
2.1.3.
De in deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de
Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten
waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is
uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk
voorschrift bedoeld.
Titel 2
Vooroverleg/beoordelen conceptaanvraag
Tarieven
Hoofdstuk 2
2013
2.2.
geen leges worden geheven voor vooroverleg in verband met
het verkrijgen van een indicatie of een voorgenomen project
in het kader van de Wabo vergunbaar is.
Titel 2
Omgevingsvergunning
Tarieven
Hoofdstuk 3
2013
2.3.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aan-
vraag om een omgevingsvergunning voor een project:
de som van de verschuldigde leges voor de verschillende
activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of
gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en
de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met
de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de
tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk.
In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling
of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.
2.3.1.
Bouwactiviteiten
2.3.1.1.
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1., eerste lid,
onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:
€ 185,15
vermeerderd met 2% van de bouwkosten
2.3.1.2
Indien de aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning
betrekking heeft op het bouwen in afwijking van een eerder in-
gediend bouwplan, waarvoor reeds een vergunning is verleend,
maar waarvan nog geen gebruik is gemaakt, worden de voor de
oorspronkelijke vergunning geheven leges gebaseerd op artikel 2.3.1.1. verrekend met het
bedrag dat verschuldigd is door toepassing van de tarieven, als
bedoeld in de hiervoor genoemde onderdelen met dien verstande dat zij niet minder zullen bedragen dan het in het betreffende
onderdeel genoemde vaste bedrag.
Er vindt geen restitutie plaats van (een gedeelte van) de voor de
primaire vergunning betaalde leges.
Dit onderdeel is niet van toepassing indien de afwijking zodanig
is, dat naar de omstandigheden beoordeeld van een nieuw
bouwplan sprake is.
2.3.1.3
Indien de aanvraag om een vergunning na de indiening er van
wordt ingetrokken en deze op dat moment nog niet in behandeling
is genomen, zijn geen leges verschuldigd.
Beoordeling bodemrapport
2.3.1.4
Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1. bedraagt het
tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onder-
deel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld:
2.3.1.4.1.
voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport:
2.3.1.4.1.1.
bij een bouwkavel tot 500 m²
€ 241,55
2.3.1.4.1.2.
bij een bouwkavel van 500 m² tot 5.000 m²
€ 719,10
2.3.1.4.1.3.
bij een bouwkavel groter dan 5.000 m²
€ 1.441,20
2.3.1.4.2
voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport:
2.3.1.4.2.1.
bij een bouwkavel tot 500 m²
€ 241,55
2.3.1.4.2.2.
bij een bouwkavel van 500 m² tot 5.000 m²
€ 719,10
2.3.1.4.2.3.
bij een bouwkavel groter dan 5.000 m ²
€ 1.441,20
2.3.1.5.
Achteraf ingediende aanvraag
Indien de afgifte van een noodzakelijke vergunning betrek-
king heeft op een zonder vergunning (illegaal) al aangevangen
bouw of gerealiseerd bouwwerk, wordt het minimumbedrag en
het legespercentage verhoogd met 100%.
2.3.1.6.
Indien voor een bouwwerk een gedoogbeschikking wordt
afgegeven, waarmee (soms tijdelijk) wordt toegestaan dat het
bouwwerk in stand mag worden gehouden, zijn overeenkomstig
voorgaande onderdelen dezelfde leges verschuldigd als wanneer
een omgevingsvergunning zou zijn verleend, als bedoeld in onderdeel 2.3.1.5.
2.3.1.7.
Indien aan de gedoogbeschikking een weigering van de
vergunning voor hetzelfde bouwwerk is voorafgegaan, dan
worden de in dat kader verschuldigde leges in mindering
gebracht op de in onderdeel 2.3.1.6. bedoelde leges.
2.3.2.
Aanlegactiviteiten
2.3.2.1.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een
aanvraag om een vergunning voor een aanlegactiviteit, als
bedoeld in artikel 2,1, eerste lid , onder b van de Wabo
€ 98,10
Beoordeling bodemrapport
2.3.2.2.
Onderdeel 2.3.1.4. vindt overeenkomstige toepassing met
betrekking tot de in onderdeel 2.3.2.1. bedoelde aanvraag.
2.3.3.
Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van
een bouw of aanlegactiviteit
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een activiteit, als bedoeld in artikel 2.1., eerste lid, onder
c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouw of aanleg-
activiteit als bedoeld in artikel 2.1., eerste lid, onder a,
onderscheidelijk b van de Wabo, bedraagt het tarief,
onverminderd het bepaalde in de onderdelen 2.3.1 en 2.3.2. :
2.3.3.1.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo (binnenplanse afwijking) :
1% van de bouw- of aanlegkosten :
2.3.3.1.1.
met een minimumbedrag van
€ 243,70
2.3.3.1.2.
met een maximumbedrag van
€ 5.862,10
2.3.3.2.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo (buitenplanse kleine afwijking) : 1% van de bouw- of aanlegkosten :
2.3.3.2.1.
met een minimumbedrag van
€ 351,55
2.3.3.2.2.
met een maximumbedrag van
€ 5.862,10
2.3.3.3.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo (buitenplanse
afwijking): 1% van de bouw- of aanlegkosten :
2.3.3.3.1.
met een minimumbedrag van
€ 1.172,00
2.3.3.3.2.
met een maximumbedrag van
€ 11.724,40
2.3.3.4.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo (tijdelijke afwijking) :
1% van de bouw- of aanlegkosten :
2.3.3.4.1.
met een minimumbedrag van
€ 585,90
2.3.3.4.2.
met een maximumbedrag van
€ 5.862,10
2.3.3.5.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo (afwijking van exploitatie-plan) :
1% van de bouw- of aanlegkosten.
2.3.3.6.
indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft,
de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens
artikel 4.1., derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel
2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast
(afwijking van provinciale regelgeving) wordt overeenkomstig in onderdeel 2.3.3.1. t/m 2.3.3.5. genoemde tarief verhoogd met
1 % van de bouw- of aanlegkosten :
2.3.3.6.1.
met een minimumbedrag van
€ 585,90
2.3.3.6.2.
met een maximumbedrag van
€ 5.862,10
2.3.3.7.
indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de
activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens
artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel
2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast
(afwijking van nationale regelgeving) wordt overeenkomstig in onderdeel 2.3.3.1.t/m 2.3.5.5. genoemde tarief verhoogd met
1% van de bouw- of aanlegkosten :
2.3.3.7.1.
met een minimumbedrag van
€ 585,90
2.3.3.7.2.
met een maximumbedrag van
€ 5.862,10
2.3.3.8.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo (afwijking van voorbereidingsbesluit) :
1% van de bouw- of aanlegkosten :
2.3.3.8.1.
met een minimumbedrag van
€ 585,90
2.3.3.8.2.
met een maximumbedrag van
€ 5.862,10
2.3.3.9.
Onverminderd het bepaalde in het volgende onderdeel wordt,
indien de aanvraag betrekking heeft op een bouwplan waarvoor
een hogere grenswaarde voor de geluidbelasting moet worden
vastgesteld, als bedoeld in de artikelen 83 e.v. van de Wet
geluidshinder, het overeenkomstig in onderdeel 2.3.3.1. t/m
2.3.3.8. berekende bedrag verhoogd met
€ 573,85
2.3.3.10.
Onverminderd het bepaalde in de onderdelen 2.3.3.1 t/m
2.3.3.9. wordt, indien de aanvraag betrekking heeft op een bouw-
plan waarvoor een hogere grenswaarde voor de geluidsbelas-
ting moet worden vastgesteld, als bedoeld in artikel 83 e.v. van
de Wet geluidshinder en in verband daarmee de gemeente
gegevens aanlevert van de geluidsbelasting op de gevels van
het bouwplan en ook de aanvraag moet worden gepubliceerd,
bedraagt het tarief :
€ 624,60
2.3.4.
Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van
een bouwactiviteit
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1., eerste lid, onder
c, van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouw of
aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1., eerste lid, onder a,
onderscheidenlijk b, van de Wabo, bedraagt het tarief:
2.3.4.1.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo
(binnenplanse afwijking):
€ 243,70
2.3.4.2.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo
(buitenplanse kleine afwijking):
€ 351,55
2.3.4.3.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo
(buitenplanse afwijking):
€ 1.172,00
2.3.4.4.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo (tijdelijke afwijking):
€ 585,90
2.3.4.5.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo
(afwijking van het exploitatieplan):
€ 585,90
2.3.4.6.
indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft,
de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens
artikel 4.1., derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel
2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast
(afwijking van provinciale regelgeving):
€ 585,90
2.3.4.7.
indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de
activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens
artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel
2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast
(afwijking van nationale regelgeving):
€ 585,90
2.3.4.8.
indien de aanvraag een verzoek betreft om toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo
(afwijking van voorbereidingsbesluit):
€ 585,90
2.3.5.
In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot
de brandveiligheid
2.3.5.1.1
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1 eerste lid, onder
d, van de Wabo bedraagt het tarief
€ 242,85
2.3.5.1.1.1.
vermeerderd met een toeslag:
voor een bouwwerk met een gebruiksoppervlakte:
Categorie Aantal m² Toeslag (euro's)
1 0 t/m 100 € 242,85
2 101 t/m 500 € 114,65 + € 1,30 per m²
3 501 t/m 2.000 € 549,75 + € 0,50 per m²
4 2.001 t/m 5.000 € 1.372,50 + € 0,15 per m²
5 5.001 t/m 50.000 € 1.885,75 + € 0,03 per m²
6 meer dan 50.001 € 3.004,80 + € 0,015 per m²
2.3.5.1.2.
Indien de aanvraag om een vergunning, als bedoeld onder
2.3.5.1.1. betrekking heeft op een vergunning tot wijziging dan
wel uitbreiding van een vergunning bedraagt het legestarief
indien het betreft:
2.3.5.1.2.1.
een uitbreiding van de inrichting, met dien verstande dat de
uitbreiding ten minste 10% van de oorspronkelijke gebruiksopper-
vlakte beslaat het legestarief in onderdeel 2.3.5.1.1. met dien
verstande dat de toeslag, zoals genoemd in onderdeel
2.3.5.1.1.1., uitsluitend wordt berekend over de oppervlakte van
de uitbreiding.
2.3.5.1.2.2.
een herindeling, een interne verbouwing, een bouwkundige
aanpassing of een gewijzigd gebruik van de gehele inrichting
dan wel een deel van de inrichting, met dien verstande dat deze
herindeling ten minste 10% van de gebruiksoppervlakte beslaat
50% van het legestarief zoals vermeld in onderdeel 2.3.5.1.1.,
met dien verstande dat de toeslag, zoals genoemd in onderdeel
2.3.5.1.1.1., uitsluitend wordt berekend over de oppervlakte van
de herindeling etc..
2.3.6.
Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde
stads- of dorpsgezichten
2.3.6.1
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het slopen van een bouwwerk in het gemeentelijke beschermd dorpsgezicht bedoeld in artikel 2.2., eerste lid, onder c, van de Wabo, waarvoor op grond van het gemeentelijk bestemmingsplan een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief :
€ 98,10
2.3.7.
Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in
beschermd stads- of dorpsgezicht
2.3.7.1.
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
2.3.7.1.1.
heeft op het slopen van een bouwwerk bedraagt het tarief :
In gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheers-verordening, monument of voorbereidingsbesluit is bepaald, als bedoeld in artikel 2.1., eerste lid onder g van de Wabo :
€ 98,10
2.3.8.
Aanleggen of veranderen van een weg
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in
de wijze van de aanleg van een weg waarvoor op grond van een
bepaling in een provinciale verordening of art. 2.1.5.2 van de
Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing
is vereist, als bedoeld in artikel 2.2., eerste lid, onderdeel d,
van de Wabo, bedraagt het tarief:
€ 470,70
2.3.9.
Uitweg/inrit
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het maken, hebben, veranderen of het veranderen van
het gebruik van een uitweg waarvoor op grond van een bepaling
in een provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder e van de Wabo
bedraagt het tarief
€ 271,10
2.3.10.
Kappen
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor
op grond van een bepaling in een provinciale verordening of
artikel 4:11 van de Algemene plaatselijke verordening een
vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2.,
eerste lid, onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief:
€ 19,50
2.3.11.
Opslag van roerende zaken
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
Heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de provincie of de gemeente, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief :
2.3.11.1
indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende
zaken, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo:
€ 201,70
2.3.11.2.
indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt
gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of
gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen, als
bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder k, van de Wabo:
€ 201,70
2.3.12.
Projecten of handelingen in het kader van de Natuur-
beschermingswet 1998
2.3.12.1.
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op handelingen in een beschermd natuurgebied die
schadelijk kunnen zijn voor het natuurschoon, de natuurweten-
schappelijke betekenis of voor de dieren of planten, als bedoeld
in artikel 16, eerste lid, van de Natuurbeschermingswet 1998
bedraagt het tarief:
€ 160,10
2.3.12.2.
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het realiseren van projecten of andere handelingen met
gevolgen voor habitats en soorten in een door de Minister van
landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aangewezen gebied, als
bedoeld in artikel 19d, eerste lid, van de Natuurbeschermings-
wet 1998 bedraagt het tarief:
€ 160,10
2.3.13.
Handelingen in het kader van de Flora- en Faunawet
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een handeling waarvoor op grond van artikel 75, derde
lid, van de Flora- en Faunawet ontheffing nodig is, bedraagt
het tarief:
€ 160,10
2.3.14.
Andere activiteiten
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling
dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld
en die activiteit of handeling:
2.3.14.1.
behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aange-
wezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de
fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid,
onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief:
€ 98,10
10
2.3.14.2.
behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke
verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie
activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leef-
omgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo,
bedraagt het tarief:
€ 98,10
2.3.14.2.1.
als het een gemeentelijke verordening betreft:
het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de
betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd is als de
activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning;
2.3.14.2.2.
als het een provinciale of waterschapsverordening betreft:
het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen
van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de
aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die
door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
Indien een begroting, als bedoeld in de eerste volzin is uitge-
bracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de
vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de
aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze
vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
2.3.15.
Omgevingsvergunning in twee fasen
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek
in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2,5, eerste lid
van de Wabo, bedraagt het tarief :
2.3.15.1
voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een
beschikking met betrekking tot de eerste fase:
het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit
hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de
eerste fase betrekking heeft.
2.3.15.2.
voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een
beschikking met betrekking tot de tweede fase:
het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit
hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de
tweede fase betrekking heeft.
2.3.16.
Advies
2.3.16.1.
Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van
dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij algemene
maatregel van bestuur, provinciale of gemeentelijke verordening
aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet
uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking
op de aanvraag om een omgevingsvergunning, als bedoeld in
artikel 2.26, derde lid, van de Wabo:
het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen
van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de
aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die
door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
2.3.16.2.
Indien een begroting als bedoeld in 2.3.16.1 is uitgebracht, wordt
een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag
na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is
gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk
is ingetrokken.
2.3.17.
Verklaring van geen bedenkingen
2.3.17.1.
Indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen
bedenkingen moet afgeven:
het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen
van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de
aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die
door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
2.3.17.2.
Indien een begroting, als bedoeld in 2.3.17.1.1., is uitgebracht,
wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werk-
dag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis
is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag
schriftelijk is ingetrokken.
Titel 2
Teruggaaf
Tarieven
Hoofdstuk 4
2013
2.4.1.
Teruggaaf als gevolg van intrekking of weigering van een
aanvraag van een omgevingsvergunning voor bouw activiteiten.
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning
voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-,
activiteiten, als bedoeld in onderdeel 2.3.1, intrekt terwijl deze
reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.
2.4.1.1.
Indien de aanvraag wordt ingetrokken na het in behandeling nemen
ervan doch vóór het verlenen van de vergunning, wordt op verzoek
teruggaaf van 50 % van de op grond van die onderdelen voor
de betreffende activiteit verschuldigde leges verleend.
2.4.1.2.
Indien de gevraagde vergunning niet wordt verleend, wordt op
verzoek teruggaaf van 40% van de verschuldigde leges verleend
met een minimaal verschuldigd bedrag van:
2.4.1.2.1.
voor aanvragen ingevolge hoofdstuk 3., onderdeel 2.3.1.1. :
€ 185,15
2.4.2.
Teruggaaf als gevolg van intrekking of weigering van een aanvraag van een omgevingsvergunning voor het afwijken van een bestemmingsplan, een exploitatieplan of voorbereidingsbesluit
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit het afwijken van een bestemmingsplan, een exploitatieplan of een voorbereidingsbesluit, als bedoeld in de onderdelen 2.3.3. en 2.3.4., intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.
2.4.2.1.
Indien de aanvraag wordt ingetrokken na het in behandeling nemen ervan doch vóór het verlenen van de vergunning, wordt op verzoek teruggaaf van 50% van de op grond van de onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges verleend.
2.4.2.2.
Indien de gevraagde vergunning niet wordt verleend, wordt op verzoek teruggaaf van 40% van de verschuldigde leges verleend ,met een minimaal verschuldigd bedrag van :
2.4.2.2.1.
Voor aanvragen ingevolge hoofdstuk 2.3., onderdelen 2.3.3.1. t/m 2.3.3.8. en 2.3.4.1. t/m 2.3.4.8. :
€ 185,15
2.4.3.
Indien een aanvraag om een vergunning wel in behandeling is
genomen, maar de vergunning van rechtswege is verleend zijn
de betreffende leges eveneens verschuldigd.
Wel wordt op verzoek teruggaaf verleend voor de werkzaam-
heden die niet zijn uitgevoerd.
Titel 2
Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging
Tarieven
Hoofdstuk 5
object
2013
2.5.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een
aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg
van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging
in het project, anders dan bedoeld in onderdeel 2.3.1.2
€ 185,15
Titel 2
Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten
Tarieven
Hoofdstuk 6
2013
2.6.
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot:
2.6.1.
een partiële herziening van het bestemmingsplan of
uitwerkingsplan wordt een bedrag geheven gelijk aan 2,5% van
de bouwkosten van het te realiseren bouwplan:
2.6.1.1.
met een minimum van
€ 1.600,00
2.6.1.2
en een maximum van
€ 16.010,50
Titel 2
Uitingen van reclame aan een bouwwerk
Tarieven
Hoofdstuk 7
2013
2.8.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een
aanvraag tot het verstrekken van een vergunning ten behoeve
van een handelsreclame, als bedoeld in artikel 2.2., eerste lid
onder h en i van de Wabo
€ 269,00
Titel 2
In deze titel niet benoemde beschikkingen
Tarieven
Hoofdstuk 8
2013
2.9.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een
aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, een ontheffing,
een vrijstelling of een andere beschikking, voor zover niet in deze titel elders genoemd
€ 98,10
Verwijzingen
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 83
- artikel 75
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 4
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 4
- art. 2
- artikel 2
- artikel 19d
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 16
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 4
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 4
- artikel 4
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2