Havengeld wordt niet geheven van:
1. vaartuigen in dienst van het rijk, de provincie en de gemeente;
2. vaartuigen die in opdracht van de gemeente worden gebruikt voor werkzaamheden in de in artikel 1 bedoelde wateren;
3. het gebruik van de haven met een vaartuig dat in de gemeente wordt opgehouden door stremming of belemmering van de vaart, veroorzaakt door ijsgang of werkzaamheden aan enig openbaar werk der gemeente;
4. een met peddels voortbewogen opblaasbaar vaartuig of een daarmee gelijk te stellen vaartuig.
Artikel 11
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van havengelden 2013