Betreden van plantsoenen e.d.
Het is aan degene die daartoe niet bevoegd is verboden
zonder ontheffing van het college zich te bevinden in of op
bij de gemeente in onderhoud zijnde parken, wandelplaatsen,
plantsoenen, groenstroken of grasperken, buiten de daarin
gelegen wegen of paden.
Het college is bevoegd ter voorkoming of opheffing van
overlast of schade, tijden vast te stellen, waarbinnen het
verboden is zich in daartoe door het college aangewezen
parken of plantsoenen te begeven of te bevinden.
Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste en
tweede lid gestelde verbod.
Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet
bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet
tijdig beslissen) niet van toepassing.
HOOFDSTUK 2 › AFDELING 11
Artikel 2:45
Artikel 2:45
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Smallingerland 2013