Begripsbepaling
In deze afdeling wordt verstaan onder:
boom: een houtachtig, overblijvend gewas;
houtopstand: hakhout, een houtwal of een of meer bomen;
hakhout: een of meer bomen die na te zijn geveld, opnieuw op
de stronk uitlopen;
houtwal: een afscheiding in het landschap, die wordt gevormd
door een, al dan niet verhoogde, smalle strook grond met
daarop volgroeide beplanting in de vorm van bomen, hakhout
en struiken;
bebouwde kom: de bebouwde kom van de gemeente, vastgesteld
ingevolge artikel 1, vijfde lid, van de Boswet;
boomwaarde: De financiële waarde van een boom zoals
getaxeerd volgend de meest recente richtlijnen van de
Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen;
iepziekte: de aantasting van iepen door de schimmel
Ophiostoma ulmi (Buism.) Nannf. (syn. Ceratocystis ulmi
(Buism.) C. Moreau);
iepenspintkever: het insect, in elk ontwikkelingsstadium,
behorende tot de soorten Scolytus scolytus (F.) en Scolytus
multistriatus (Marsh) en Scolytus pygmaeus;
vruchtbomen: bomen die aantoonbaar in hoofdzaak uit
economische motieven omwille van de vruchten worden
geteeld.
In deze afdeling wordt onder vellen mede verstaan: rooien,
met inbegrip van verplanten, alsmede het verrichten van
handelingen die de dood of ernstige beschadiging of
ontsiering van houtopstand ten gevolge kunnen hebben.
HOOFDSTUK 4 › AFDELING 3
Artikel 4:10A
Artikel 4:10A
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Smallingerland 2013