Parkeren van grote voertuigen
Het is verboden een voertuig dat, met inbegrip van de
lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter of een hoogte
van meer dan 2,4 meter te parkeren buiten een door het
college aangewezen plaats.
Het verbod geldt niet gedurende de tijd die nodig is en
gebruikt wordt voor het uitvoeren van werkzaamheden waarvoor
de aanwezigheid van het voertuig ter plaatse noodzakelijk
is.
Het college kan van het in het eerste lid gestelde verboden
ontheffing verlenen.
Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet
bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet
tijdig beslissen) niet van toepassing.
HOOFDSTUK 5 › AFDELING 1
Artikel 5:8
Artikel 5:8
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Smallingerland 2013