Naar hoofdinhoud

Paragraaf I.

Artikel 2

Samenstelling.

Onderdeel van Verordening op de Rekenkamercommissie 2002

1.. De Rekenkamercommissie bestaat uit tenminste zes leden, waarvan twee niet-raadsleden. 2.. De raadsleden van de commissie worden aan het begin van een nieuwe zittingsperiode van de raad door de raad uit zijn midden benoemd. 3.. De niet-raadsleden in de commissie worden door de raad benoemd voor een periode van vier jaar die niet gelijk loopt met de zittingsperiode van de raad en die door de raad met maximaal één termijn van vier jaar kan worden verlengd. Bij tussentijdse benoemingen treedt het nieuw benoemde lid, voor wat betreft zittingsduur, in de plaats van zijn voorganger. 4.. De benoeming van raadsleden in de commissie geschiedt voor de zittingsperiode gelijk aan die van de leden van de zittende raad. Dit geldt eveneens voor tussentijdse benoemingen. 5.. Een commissielid kan tussentijds door de raad worden ontslagen. 6.. Hij die ophoudt lid van de raad te zijn kan geen lid meer van de commissie zijn. 7.. Een commissielid kan te allen tijde ontslag nemen. Hij geeft daarvan schriftelijk kennis aan de voorzitter van de raad. 8.. In tussentijds in de commissie opengevallen plaatsen wordt binnen acht weken voorzien.

Rechtspraak bij dit artikel