**1..** Voor alle regelingen die de deelnemers bindende elementen
bevatten, stelt het dagelijks bestuur een ontwerp op, na ter
zake overleg te hebben gevoerd met de colle-ges van
burge-mees-ters en wethou-ders van de deel-ne-mers en met
andere, daarvoor in aanmerking komende bestu-ren, instellin-gen,
diensten en perso-nen, van welk overleg verslag wordt gedaan in
een bijlage bij de ontwerp-regeling.
**2..** Inspraak over de in het voorgaande lid bedoelde regelingen vindt
plaats volgens de in de desbetreffende gemeenten gebrui-kelijke
regelingen. Afronding van de inspraak-proce-dure vindt plaats
binnen een nader door het dagelijks bestuur te bepalen
termijn.
**3..** Het dagelijks bestuur stelt de ontwerp-regeling voorlopig
vast.
**4..** Het dagelijks bestuur zendt de ontwerp-regeling vervolgens aan
de raden van de deelne-mers, die hun beschouwingen binnen drie
maanden ter kennis van het algemeen bestuur bren-gen.
**5..** Binnen drie maanden na het verstrijken van de in het vierde lid
genoemde termijn beslist het algemeen bestuur om-trent de
vast-stelling van de regeling.
**6..** Indien en voorzover tegen de ontwerp-regeling bezwaren zijn
ingediend of het algemeen bestuur bij het vaststellen van de
regeling afwijkt van het ontwerp, wordt het besluit tot
vaststel-ling met redenen omkleed.
**7..** De regeling wordt terstond na de vaststelling medegedeeld aan de
raden van de deelnemers en aan gedeputeerde staten.
**8..** Het eerste tot en met het zevende lid van dit artikel zijn van
toepassing voor zover niet in deze regeling of bij wet anders is
voorzien.
HOOFDSTUK 3 › PARAGRAAF 3.8
Artikel 23
Bijzondere besluitvormingsprocedure
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Stadsregio Rotterdam