**1..** Het dagelijks bestuur stelt jaarlijks een ontwerpbegroting op,
vergezeld van een nota van aan-bieding waarin opgenomen de
voorgenomen activiteiten. De ramingen in de ontwerpbegroting
worden behoorlijk toegelicht.
**2..** De ontwerpbegroting wordt uiterlijk acht weken voordat zij aan
het algemeen bestuur wordt aange-boden toegezonden aan de raden
van de deelnemers; artikel 190 van de Gemeentewet is van
over-een-komstige toepassing. De raden van de deelnemers kunnen
omtrent de ontwerpbegroting het dagelijks bestuur van hun
gevoelen doen blijken. Het dagelijks bestuur voegt de
commen-taren waarin dit gevoelen is vervat bij de
ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur wordt
aangeboden.
**3..** De lasten van de stadsregio over enig jaar, voor zover niet uit
andere baten gedekt, worden gedragen door de deelnemers en
worden in de begroting voor het jaar waarop de begroting
betrekking heeft vermeld als verschuldigde bijdrage.
**4..** Voor de verdeling over de deelnemers van de in het derde lid
bedoelde bijdrage wordt uitgegaan van het in-wonertal op 1
januari van het jaar, voorafgaande aan dat, waarvoor de bijdrage
is verschul-digd. Voor het vaststellen van de aantallen inwoners
worden de door het Centraal Bureau voor de Statistiek
vastgestelde bevolkingscijfers aangehouden.
**5..** De deelnemers betalen jaarlijks voor 16 januari en voor 16 juni
telkens de helft van de bijdrage bedoeld in het derde lid.
**6..** Het algemeen bestuur stelt de begroting vast uiterlijk 14 juli
van het jaar voorafgaande aan dat, waarvoor de begroting moet
dienen.
**7..** Terstond na de vaststelling wordt, met verwijzing naar het
gestelde in artikel 35, vierde lid van de Wet, de begroting in
afschrift toegezonden aan de raden van de deelnemers die het
bedrag, dat in deze begroting voor de gemeente als bijdrage in
de kosten van de stadsregio is geraamd, in hun begroting
opnemen.
**8..** Het dagelijks bestuur zendt de begroting na vaststellen binnen
de daarvoor gestelde termijn naar gedeputeerde staten.
**9..** Met betrekking tot wijzigingen van de begroting is het bepaalde
in de voorafgaande leden, behalve het zesde lid, van dit artikel
van toepassing.
**10..** De artikelen 192 en 208, 209, 210 en 211 van de Gemeentewet zijn
van overeenkomstige toepassing.
**11..** Van het bepaalde in het negende lid kan worden afgeweken ten
aanzien van begrotingswijzigingen die de gemeentelijke bijdragen
niet aantasten, alsmede geen afwijking inhouden van het algemeen
en financieel beleid.
HOOFDSTUK 10 › PARAGRAAF 10.2
Artikel 48
Werkwijze en procedure
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Stadsregio Rotterdam