**1..** Het lidmaatschap van een lid van de commissie eindigt:
a. op eigen verzoek;
b. indien het lid aftreedt als lid van de raad;
c. door ontslag, indien hij naar het oordeel van de raad ernstig nadeel toebrengt aan het in hem gestelde vertrouwen;
d. bij de aanvaarding van een functie die ingevolge artikel 81oa, derde lid, van de Gemeentewet onverenigbaar is met het lidmaatschap van de commissie.
**2..** Het lidmaatschap van een toegevoegd lid eindigt bovendien na afronding van het onderzoek waarvoor hij is benoemd.