Op aanvraag wordt de wethouder voor de uitoefening van het ambt
van wethouder door de gemeente een mobiele telefoon in bruikleen
ter beschikking gesteld, die mede gebruikt mag worden voor
privédoeleinden.
De wethouder ondertekent daartoe een bruikleenovereenkomst met
de gemeente.
Het college van burgemeester en wethouders stelt het model van
de bruikleenovereenkomst vast.
Op de netto bezoldiging dan wel de netto onkostenvergoeding van
de wethouder die de mobiele telefoon voor meer dan 10% mede
gebruikt voor privé-doeleinden, wordt een bedrag ingehouden dat
gelijk is aan het bedrag dat op grond van de artikelen 38
respectievelijk 39 van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2001
tot het loon wordt gerekend.
Hoofdstuk
Artikel 24
Mobiele telefoon
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2008