Een persoon met beperkingen kan voor de in artikel 26 onder b. c. en d. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht wanneer aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek
het gebruik van een collectief systeem als bedoeld in artikel 26, onder a., onmogelijk maken dan wel;
een collectief systeem als bedoeld in artikel 26, onder a., niet aanwezig is dan wel
aanvullend is op het collectief vervoer als bedoeld in artikel 26, onder a.
HOOFDSTUK 6
Artikel 28
Primaat van het collectief vervoer.
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Geldrop-Mierlo 2009