Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel aanleg

van een rioolaansluiting

Onderdeel van Aansluitverordening riolering Gouda

1.. De aanvraag dient door de rechthebbende of een door deze gemachtigde te worden aangevraagd bij de gemeente. 2.. Een aanvraag wordt in behandeling genomen indien: is voldaan aan de door burgemeester en wethouders vastgestelde ‘Aanvraagvereisten rioolaansluiting’; in de situatie van nieuwbouw van een bouwvergunningsplichtig bouwwerk de rechthebbende beschikt over een bouwvergunning, krachtens artikel 40 van de Woningwet; rechthebbende beschikt over een eventueel krachtens artikel 8.1 van de Wet milieubeheer benodigde vergunning. 3.. Burgemeester en wethouders kunnen de rechthebbende in bijzondere gevallen voor de behandeling van de aanvraag verplichten tot het leveren van aanvullende informatie. 4.. Bij nieuwe rioolaansluitingen wordt de controleput gesitueerd binnen een meter uit de perceelsgrens op particulier grondgebied of, indien de gevel van het aan te sluiten pand direct grenst aan het gemeentelijk grondgebied, een meter uit de perceelsgrens op gemeentelijk grondgebied. 5.. Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan het ontwerp en uitvoering van rioolaansluitingen op basis van de volgende gronden: de openbare orde; het voorkomen of beperken van schade of overlast; de bruikbaarheid van de openbare gronden; het veilig en doelmatig gebruik van de openbare gronden; het doelmatig beheer en onderhoud van de openbare gronden; de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving; de bescherming van groenvoorzieningen; verkeersveiligheid en/of doorstroming van het verkeer; kermissen, markten en dergelijke; andere meldingen en geplande werkzaamheden aan en in openbare gronden; overige wet- en regelgeving. 6.. Burgemeester en wethouders kunnen, alvorens een aanvraag in behandeling te nemen: de rechthebbende verzoeken de ontbrekende informatie aan te vullen; conform lid 3 éénmalig om aanvullende informatie verzoeken. Het verzoek tot het leveren van ontbrekende of aanvullende informatie dient de gemeente binnen tien werkdagen na ontvangst van de aanvraag te doen. Conform artikel 4:5 van de Awb heeft de rechthebbende vervolgens tien werkdagen de gelegenheid de aanvraag te vervolledigen. Indien hier niet aan is voldaan wordt een aanvraag niet in behandeling genomen. 7.. Burgemeester en wethouders nemen binnen tien werkdagen een besluit op de aanvraag. Indien hieraan niet wordt voldaan, wordt de aanvraag geacht te zijn goedgekeurd. 8.. Een rioolaansluiting wordt geweigerd indien: niet wordt voldaan aan de door burgemeester en wethouders vastgestelde ‘Aanvraagvereisten rioolaansluiting’, alsmede aan de eventueel conform lid 5 aanvullende eisen; de gevraagde rioolaansluiting een lozing voor afvalwater en/of bronneringswater betreft, waarvoor krachtens de geldende milieuwetgeving een vergunning benodigd is, maar waarvoor deze niet is verleend, of waarbij niet aan de geldende regels is voldaan; de rioolaansluiting op een vrijverval riool niet onder vrijverval plaatsvindt; de rioolaansluiting op een drukriool onder verhoogde atmosferische druk moet plaatsvinden, maar de opgegeven druk onvoldoende is; de rioolaansluiting op een drukriool moet plaatsvinden, maar er geen balkeerklep of terugslagklep aangegeven is; het afvalwater dat naar het drukriool wordt afgevoerd ook hemelwater bevat; de particuliere aansluitleiding met binnenonderkant buis ter plaatse van de rioolaansluiting op het gemeentelijk riool niet hoog genoeg boven het gemeentelijk riool uitkomt (de plaats van de rioolaansluiting op het gemeentelijk riool wordt door de gemeente bepaald); de hoogteligging van het aansluitpunt (binnenonderkant buis) lager ligt dan de bovenzijde van het gemeentelijk riool vermeerderd met 200 mm, plus de benodigde hoogte voor het afschot van de aansluitleiding (1 cm op 1 meter); de bovenzijde van een lozingstoestel lager is gelegen dan 150 mm boven de kruin van het ontwerp van het straatniveau, tenzij via een pompinstallatie voorzien van een terugslagklep of balkeerklep wordt aangesloten; de aanvraag betrekking heeft op niet verontreinigd drainagewater, die zonder bezwaar op het oppervlaktewater of bodem kan worden aangesloten; de gevraagde rioolaansluiting een afvoerleiding voor niet verontreinigd bronneringswater betreft, die zonder bezwaar op het oppervlaktewater of bodem kan worden aangesloten of door middel van retourbemaling kan worden afgevoerd; industrieel of afvalwater vanuit horecagelegenheden welke niet zijn voorzien van een vetvangput c.q. een olie/zandscheidingsput; bij gebruik instroming van grondwater kan optreden. 9.. Na goedkeuring van een aanvraag zal de gemeente, indien nodig, een uitlegger inclusief controleput aanleggen. De aanleg dient te geschieden binnen 20 werkbare dagen - met uitsluiting van de officiële bouwvakanties in regio ‘midden’ - gerekend vanaf de schriftelijke goedkeuring van de aanvraag. 10.. Het particuliere deel van de rioolaansluiting dient conform de goedgekeurde aanvraag te worden aangelegd. De aanleg dient te geschieden binnen 30 werkbare dagen - met uitsluiting van de officiële bouwvakanties in regio ‘midden’ - gerekend vanaf de schriftelijke goedkeuring van de aanvraag of, indien artikel 4, lid 7, van toepassing is, gerekend vanaf het moment dat de aanvraag wordt geacht te zijn goedgekeurd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel