**1..** Het college kent, indien voldaan wordt aan de criteria in artikel 14, een vergoeding toe op basis van de kosten van aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, en:
de leerling, naar het oordeel van het college, gelet op zijn geestelijke en/of lichamelijke handicap en/of zintuiglijke handicap en/of leeftijd niet in staat is – ook niet onder begeleiding – van openbaar vervoer gebruik te maken;
de leerling, naar het oordeel van het college, is aangewezen op het openbaar vervoer onder begeleiding, doch waarvan door de ouders ten behoeve van het college genoegzaam wordt aangetoond, dat het begeleiden van de leerling door de ouders of anderen onmogelijk is, dan wel tot ernstige benadeling van het gezin zou leiden en een andere oplossing niet mogelijk is;
de leerling met gebruikmaking van het openbaar vervoer naar school of terug, anderhalf uur of meer onderweg is en de reistijd met aangepast vervoer tot 50 % of minder van de reistijd per openbaar vervoer kan worden teruggebracht;
het openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel van het college zelf gebruik kan maken van het vervoer per (brom)fiets.
**2..** Het college vraagt het advies van de commissie voor de begeleiding of het advies van andere deskundigen, alvorens op de in het eerste lid, onder a of d bedoelde vragen te beslissen. Artikel 18 lid 3 is hierop van toepassing.
**3..** Indien het advies genoemd in artikel 15 lid 2 niet voldoet aan de vereisten die hieraan gesteld zijn, wordt de aanvraag voor aangepast vervoer niet in behandeling genomen.
HOOFDSTUK 3
Artikel 16
Vergoeding op basis van de kosten van aangepast vervoer
Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer gemeente Nijkerk 2002