De rechten als genoemd in onderdeel 5.1 van de tarieventabel moeten
worden voldaan in maximaal twee gelijke termijnen waarvan de eerste
vervalt op de laatste dag van de tweede maand volgend op de maand
die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede
twee maanden later.
In afwijking van het eerste lid geldt, in geval de verschuldigde
bedragen van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het
aanslagbiljet maar één aanslag bevat en zolang de verschuldigde
bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden
afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke
termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na dagtekening van
het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand
later.
Indien de verschuldigde bedragen als genoemd in het tweede lid
tweemaal achtereen niet kunnen worden geïncasseerd vervalt voor het
betreffende aanslagbiljet de mogelijkheid tot automatische incasso
en gelden de betaaltermijnen zoals genoemd in het eerste lid.
De overige in de tarieventabel opgenomen rechten dienen te worden
voldaan binnen een maand na dagtekening van de aanslag dan wel
schriftelijke kennisgeving.
Artikel 9
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten 2017