**1..** Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand en de Algemene wet bestuursrecht.
**2..** In deze verordening wordt verstaan onder:
de wet: de Wet werk en bijstand (Stb. 2003, nr. 375);
de norm: de gehuwdennorm als bedoeld in artikel 21, onderdeel c van de wet;
woning: een woonruimte waarbij geen wezenlijke woonfuncties, te weten woon- en slaapruimte, was - en kookgelegenheid en toilet met andere wooneenheden worden gedeeld. Onder een woning wordt mede verstaan een woonwagen en een woonschip.
woonkosten:
Indien een huurwoning wordt bewoond: de op de aanvangsdatum van het lopende huurtoeslagtijdvak per maand geldende huurprijs als bedoeld in de Wet op de huurtoeslag;
Indien een eigen woning wordt bewoond, de tot een bedrag per maand omgerekende som van de ten behoeve van de financiering van de woning verschuldigde hypotheekrente, de in verband met het in eigendom hebben van de woning te betalen zakelijke lasten en een naar omstandigheden vast te stellen bedrag voor onderhoud.
zorgbehoevende: degene die, indien hij niet tezamen met een andere, niet tot het gezin behorende, persoon de woning zou bewonen, zou zijn aangewezen op beroepsmatige hulp zoals verzorging in een verzorgingshuis of in een andere inrichting ter verpleging of verzorging.
verzorgende: degene die een zorgbehoevende verzorgt.
HOOFDSTUK 1
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Toeslagenverordening Wet werk en bijstand Leidschendam-Voorburg 2009