Naar hoofdinhoud

Artikel 3.1

Beleid gemeente Heerenveen

Onderdeel van Beleidsnotitie uitvoering artikel 20 tot en met 22 Wet op de lijkbezorging

3.1.1 Begraven Omdat, ten opzichte van cremeren, normaal gesproken het begraven in een zogenaamd algemeen graf voor de gemeente het goedkoopst is, wordt de overledene in principe (in een algemeen graf) begraven. Bij algemene graven gaat het om graven waarvan de gemeente rechthebbende blijft en waar eventuele nabestaanden alleen de kosten van het begraven dienen te betalen. Voor deze graven hebben particulieren veelal geen belangstelling omdat de grafrust slechts 10 jaar gegarandeerd is en zij geen “zeggenschap” hebben over het graf (er mag bijvoorbeeld geen grafmonument geplaatst worden en er worden meerdere mensen – geen familie van elkaar - in één graf begraven). De overledene wordt in principe op Begraafplaats Schoterhof in Heerenveen begraven omdat daar voldoende ruimte is en het om bedrijfseconomische redenen het goedkoopste is. Indien de overledene naar het oordeel van de burgemeester veel binding had met één van de andere kernen binnen de gemeente Heerenveen kan van de regel afgeweken worden. De opvattingen van nabestaanden zijn bij het oordeel of iemand in Heerenveen of op één van de andere begraafplaatsen binnen de gemeente begraven dient te worden niet doorslaggevend. Immers, dan kunnen die nabestaanden zelf ook voorzien in de lijkbezorging. Overigens is het zo dat onze gemeente verantwoordelijk is voor overledenen die zich hier bevinden en dat hoeft niet altijd te betekenen dat deze mensen hier hun woonplaats hadden. Andersom is het zo dat mensen die in Heerenveen hun woonplaats hadden en die in het ziekenhuis Tjongerschans overlijden een zorg zijn voor die gemeente en niet voor onze gemeente. Begraven heeft ook de voorkeur vanwege het “bewaren” van een herdenkingsplek en omdat een herbegraving elders of een crematie mogelijk blijven. Daarnaast is het zo dat er altijd nabestaanden kunnen zijn die pas na enige naspeuringen achterhaald kunnen worden, omdat ze vaak verhuisd zijn of in het buitenland vertoeven. Eventueel herbegraven of cremeren dient binnen ongeveer twee maanden na de begrafenis te gebeuren. Tot ongeveer 2 maanden is er een nauwelijks waarneembaar verteringsproces en is de kist nog intact. Na die periode zijn er dusdanige arbeidstechnische- en milieuhygiënische maatregelen nodig dat het niet wenselijk is om over te gaan tot herbegraven. De burgemeester heeft evenwel de bevoegdheid ook na 2 maanden een vergunning tot opgraving en herbegraving te verlenen. Daarvoor zal hij alle van belang zijnde belangen (zowel die van de nabestaanden als ook maatschappelijke belangen) moeten afwegen. De Inspecteur voor Volksgezondheid heeft hierin een adviserende bevoegdheid. Nadat de wettelijke grafrust van 10 jaar is verstreken (na 10 jaar is er veelal alleen een skelet of enkele fragmenten over) kan er wel weer zonder bijzondere maatregelen worden opgegraven. Na het verstrijken van deze wettelijke grafrust is het feitelijk geen opgraving meer maar een ruiming. Het voert te ver om hier in het kader van deze notitie verder op in te gaan. 3.1.2. Crematie Indien er, omdat dat de wil van de overledene is, wordt overgegaan tot crematie dan geldt ook hier dat de meest goedkope manier wordt gehanteerd. Geen asbus, maar asverstrooiing op het terrein van het crematorium. Willen nabestaanden een asbus, dan moeten zij eerst de openstaande rekening van de uitvaart en crematie te betalen.

Rechtspraak bij dit artikel