Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van Aanscherping sanctie en handhavingsbeleid Wet Werk en Bijstand 2013

Gedragingen van de derde categorie De volgende gedragingen leiden tot een verlaging van de uitkering met veertig procent voor de duur van één maand: gedragingen die de inschakeling in algemeen geaccepteerde arbeid belemmeren; het in onvoldoende mate verrichten van noodzakelijke dan wel verplichte activiteiten gedurende de zoekperiode van 4 weken voor jongeren tot 27 jaar; het in onvoldoende mate meewerken aan: een trajectplan; een plan van aanpak voor jongeren onder de 27 jaar; de re-integratie verplichtingen conform artikel 9a WWB of; een aangeboden voorziening waaronder begrepen een voorziening gericht op sociale activering. het in onvoldoende mate nakomen van de verplichtingen zoals bedoeld in artikel 9 lid 1 WWB of artikel 55 WWB, voor zover het gaat om een persoon jonger dan 27 jaar, gedurende vier weken na de melding zoals bedoeld in artikel 43 lid 4 en 5 WWB. De volgende gedragingen leiden tot een verlaging van de uitkering met veertig procent voor de duur van minimaal één maand en een maximum van drie maanden voor het niet meewerken aan: een trajectplan of; een plan van aanpak voor jongeren onder de 27 jaar; de re-integratie verplichtingen conform artikel 9a WWB; een aangeboden voorziening, gericht op arbeidsinschakeling waaronder begrepen een voorziening gericht op sociale activering. Indien de schending van de verplichting tot arbeidsinschakeling ook een schending van de verplichting, zoals bedoeld in artikel 23 lid 1 van de Wet Inburgering (geldende op 31 december 2012) of artikel 6 van de verordening Wet Inburgering inhoudt, verlaagt het college de bijstand.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel