Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1.

Artikel 5

Horen van belanghebbende

Onderdeel van Afstemmingsverordening WWB 2013

Voordat een maatregel wordt opgelegd, wordt de belanghebbende in de gelegenheid gesteldzijn zienswijze naar voren te brengen. Het horen van belanghebbende kan achterwege worden gelaten indien: de vereiste spoed zich daartegen verzet; de belanghebbende reeds eerder in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen en zich sindsdien geen nieuwe feiten of omstandigheden hebben voorgedaan; de belanghebbende niet heeft voldaan aan een verzoek van het college of van een derde aan wie het college met toepassing van artikel 7 van de wet werkzaamheden in het kadervan de wet heeft uitbesteed, om binnen een gestelde termijn inlichtingen te verstrekken als bedoeld in artikel 17 en 41, lid 5, van de wet, of artikel 38, tweede lid, van het BBZ; het college het horen niet nodig acht voor het vaststellen van de ernst van de gedraging of de mate van verwijtbaarheid; of de belanghebbende aangeeft hiervan geen gebruik te willen maken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel