Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2.

Artikel 10.

De hoogte en duur van de verlaging

Onderdeel van Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand 2013

1.. Onverminderd artikel 2, tweede lid, wordt de verlaging vastgesteld op: vijf procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de eerste categorie; tien procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de tweede categorie; veertig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de derde categorie; honderd procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de vierde categorie. 2.. De duur van de verlaging als bedoeld in het eerste lid wordt maximaal één keer verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een verlaging is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging van dezelfde of hogere categorie. Met een besluit waarmee een verlaging is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, tweede lid. 3.. Bij volharding van de gedraging na recidive kan, in afwijking van artikel 7 lid 3, de verlaging worden opgelegd totdat de belanghebbende de tekortkomingen heeft hersteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel