Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.2.

Levensloop

Onderdeel van Cafetariamodel 2007

Wat houdt het in? Met de levensloopregeling kun je sparen voor een periode van (gedeeltelijk) onbetaald verlof. Wat zijn de voorwaarden? Je kunt een keer per jaar, uiterlijk op 1 december de keuze maken of je deelneemt aan levensloop of aan spaarloon. Als je deelneemt aan de spaarloonregeling kun je niet deelnemen aan de levensloopregeling. Deelname aan de levensloopregeling staat open voor iedere medewerker die een vaste aanstelling of een tijdelijke aanstelling bij wijze van proef heeft. In totaal mag maximaal 210% van het bruto jaarloon gespaard worden en zolang de 210%-grens nog niet is bereikt op 1 januari van enig jaar, mag maximaal 12% van het bruto jaarloon gespaard worden. De 12%-grens is inclusief werkgeversbijdrage. Als de levensloopbijdrage wordt aangewend voor het sparen voor de levensloopregeling, mag door medewerkers dus maximaal 10,5% gespaard worden uit eigen loonbestanddelen. De 12%-grens geldt niet voor medewerkers die op 31 december 2005 de leeftijd van 51 jaar, maar nog niet van 56 jaar hebben bereikt. Voor deze groep geldt alleen de 210%-grens. Meer inhoudelijke informatie over de regeling is te vinden op Feannet (thema Handboek P&O, hoofdstuk 6). Welke bronnen kun je inzetten? Voor deelname aan de levensloopregeling kun je alle bronnen inzetten.

Rechtspraak bij dit artikel