In deze verordening wordt verstaan onder:
a.het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpen
aan den IJssel;
b.de wet: de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers (IOAW) en de Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ);
algemene bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5 , onderdeel b, van de Wet;
bijstandsnorm: de algemene bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel c WWB of, voor zover
sprake is van een IOAW of IOAZ uitkering als bedoeld in artikel 5 IOAW respectievelijk
artikel 5 IOAZ;
bijzondere bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel d, van de wet;
bijstand: algemene en bijzondere bijstand;
afstemmen: het verlagen van de bijstand op grond van artikel 18, tweede lid, van de
wet , respectievelijk artikel 20 tweede lid IOAW of artikel 20 eerste lid IOAZ;
h.voorliggende voorziening: elke voorziening buiten de wet waarop de belanghebbende
of
het gezin aanspraak kan maken, dan wel een beroep kan doen, ter verwerving van
middelen
of
ter bekostiging van specifieke uitgaven;
i.netto bijstand: de bijstand zonder de verhoging op grond van artikel 19, vierde lid, of
artikel 35, achtste lid, van de wet.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.
Begripsomschrijving
Onderdeel van Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand, IOAW en IOAZ Krimpen aan den IJssel 2013