De regeling voor samenloop ziet op twee mogelijke situaties
Indien sprake is van schending van meerdere verplichtingen door één gedraging, dan dient
voor het toepassen van de verlaging te worden uitgegaan van de gedraging waarop de
zwaarste verlaging van toepassing is (lid 1).
Indien sprake is van één gedraging die zowel schending van een in deze verordening opgenomen verplichting als schending van de inlichtingenplicht oplevert, wordt geen verlaging opgelegd. De schending van deze verplichting kan immers niet gezamenlijk worden afgedaan omdat schending van deze verplichtingen (wettelijk) is geregeld in de vorm van een bestuurlijke boete. De boete heeft in dat geval prioriteit waardoor van een verlaging dient te worden afgezien (lid 2).
In het derde lid is de situatie geregeld waarin sprake is van verschillende gedragingen. In dit geval moet voor iedere afzonderlijke gedraging een verlaging worden opgelegd, tenzij dit niet verantwoord is. Daarvoor moet altijd gekeken worden naar individuele omstandigheden. De verlaging wordt dan over meerdere maanden uitgesmeerd.
Hoofdstuk 1.
Artikel 8.
Samenloop van gedragingen
Onderdeel van Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand, IOAW en IOAZ Krimpen aan den IJssel 2013