**1..** Het college kan aan personen bedoeld in artikel 1 lid 2 onder i een activeringspremie toekennen ter bevordering van de aanvaarding of het behoud van werk gericht op arbeidsinschakeling.
**2..** Deze premie kan worden verstrekt in de volgende gevallen:
het aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid;
het deelnemen aan een voorziening;
het met goed gevolg beëindigen van een voorziening;
het verrichten van onbeloonde additionele arbeid in een participatieplaats als bedoeld in artikel 9 van deze verordening.
**3..** De premie bedraagt maximaal het bedrag als bedoeld in artikel 31, lid 2 onder j van de wet.
**4..** Het college stelt nadere regels ter uitvoering van het bepaalde in lid 2 en 3 van dit artikel.
**5..** Het college kan aan een werkgever een premie toekennen indien een persoon bedoeld in artikel 1, reguliere arbeid aanvaardt bij die werkgever.
**6..** Het college stelt nadere regels ter uitvoering van het bepaalde in lid 5.
**7..** Het college verstrekt aan diegene die algemene bijstand ontvangt en onbeloonde additionele arbeid verricht conform artikel 10a, zesde lid van de wet (participatieplaats), en als bedoeld in lid 2, onderdeel d van dit artikel, elk half jaar een premie.
**8..** De hoogte van de premie in relatie tot de inspanningen van de belanghebbende wordt in richtlijnen verder uitgewerkt.
**9..** Het recht op een premie als bedoeld in lid 2, onderdeel d en lid 4 van dit artikel, wordt elke zes maanden beoordeeld.
**10..** De premie als bedoeld in lid 2, onderdeel d en lid 4 van dit artikel, wordt geweigerd indien bij de beoordeling blijkt dat de belanghebbende de aan de onbeloonde additionele werkzaamheden verbonden verplichtingen in de voorgaande zes maanden heeft geschonden.