Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3.

Artikel 11.

Premies

Onderdeel van Re-integratieverordening 2013

1.. Het college kan aan personen bedoeld in artikel 1 lid 2 onder i een activeringspremie toekennen ter bevordering van de aanvaarding of het behoud van werk gericht op arbeidsinschakeling. 2.. Deze premie kan worden verstrekt in de volgende gevallen: het aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid; het deelnemen aan een voorziening; het met goed gevolg beëindigen van een voorziening; het verrichten van onbeloonde additionele arbeid in een participatieplaats als bedoeld in artikel 9 van deze verordening. 3.. De premie bedraagt maximaal het bedrag als bedoeld in artikel 31, lid 2 onder j van de wet. 4.. Het college stelt nadere regels ter uitvoering van het bepaalde in lid 2 en 3 van dit artikel. 5.. Het college kan aan een werkgever een premie toekennen indien een persoon bedoeld in artikel 1, reguliere arbeid aanvaardt bij die werkgever. 6.. Het college stelt nadere regels ter uitvoering van het bepaalde in lid 5. 7.. Het college verstrekt aan diegene die algemene bijstand ontvangt en onbeloonde additionele arbeid verricht conform artikel 10a, zesde lid van de wet (participatieplaats), en als bedoeld in lid 2, onderdeel d van dit artikel, elk half jaar een premie. 8.. De hoogte van de premie in relatie tot de inspanningen van de belanghebbende wordt in richtlijnen verder uitgewerkt. 9.. Het recht op een premie als bedoeld in lid 2, onderdeel d en lid 4 van dit artikel, wordt elke zes maanden beoordeeld. 10.. De premie als bedoeld in lid 2, onderdeel d en lid 4 van dit artikel, wordt geweigerd indien bij de beoordeling blijkt dat de belanghebbende de aan de onbeloonde additionele werkzaamheden verbonden verplichtingen in de voorgaande zes maanden heeft geschonden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel