• - Aan de wethouder wordt mandaat verleend van alle in het Bevoegdhedenregister vermelde bevoegdheden, voor zover het een aangelegenheid betreft die tot zijn portefeuille behoort.
  • - Het mandaat heeft geen betrekking op de volgende aangelegenheden:
    • - de afdoening en ondertekening van stukken die zijn gericht aan de gemeenteraad;
    • - vaststelling of wijziging van de hoofdlijnen van het gemeentelijk beleid;
    • - het beslissen op bezwaarschriften waarover de externe commissie bezwaarschriften heeft geadviseerd;
    • - behandelen van klachten in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht, voor zover de klacht gericht is tegen een gedraging van een lid van het college van burgemeester en wethouders, de gemeentesecretaris of een directeur;
    • - indien er gemeentelijk beleid is vastgesteld voor de desbetreffende aangelegenheid en het besluit een afwijking hiervan impliceert;
    • - in geval de beslissing zou kunnen leiden tot overschrijding van beschikbare budgetten of begrotingsposten;
    • - de gemandateerde een persoonlijk belang heeft bij het uitoefenen van de bevoegdheid;
    • - besluiten aangaande strategische en/of anticiperende aan- en/of verkopen van onroerende zaken;
    • - huur- en pachtovereenkomsten of de vestiging van zakelijke rechten, waarvan de financiële gevolgen groter dan zijn € 5.000.000.
  • - Wethouders kunnen alleen door hun vaste vervanger worden vervangen.