Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Reikwijdte bestuurlijk mandaat, beperkingen, plaatsvervanging

Onderdeel van Besluit mandaat, machtiging en volmacht

Aan de wethouder wordt mandaat verleend van alle in het Bevoegdhedenregister vermelde bevoegdheden, voor zover het een aangelegenheid betreft die tot zijn portefeuille behoort. Het mandaat heeft geen betrekking op de volgende aangelegenheden: de afdoening en ondertekening van stukken die zijn gericht aan de gemeenteraad; vaststelling of wijziging van de hoofdlijnen van het gemeentelijk beleid; het beslissen op bezwaarschriften waarover de externe commissie bezwaarschriften heeft geadviseerd; behandelen van klachten in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht, voor zover de klacht gericht is tegen een gedraging van een lid van het college van burgemeester en wethouders, de gemeentesecretaris of een directeur; indien er gemeentelijk beleid is vastgesteld voor de desbetreffende aangelegenheid en het besluit een afwijking hiervan impliceert; in geval de beslissing zou kunnen leiden tot overschrijding van beschikbare budgetten of begrotingsposten; de gemandateerde een persoonlijk belang heeft bij het uitoefenen van de bevoegdheid; besluiten aangaande strategische en/of anticiperende aan- en/of verkopen van onroerende zaken; huur- en pachtovereenkomsten of de vestiging van zakelijke rechten, waarvan de financiële gevolgen groter dan zijn € 5.000.000. Wethouders kunnen alleen door hun vaste vervanger worden vervangen.

Rechtspraak bij dit artikel