De burgemeester kan aan een vergunning onder meer de volgende voorwaarden verbinden:
dat erop wordt toegezien dat er geen overmatig gokgedrag plaatsvindt en per persoon niet langer dan één uur achtereen op een kansspelautomaat wordt gespeeld;
dat het verboden is dat personen beneden de leeftijd van achttien jaar op een kansspelautomaat speelt;
dat het verboden is om per speler per uur meer dan f 50,-- aan muntstukken ten behoeve van het spelen op kansspelautomaten te wisselen;
dat erop wordt toegezien dat een persoon niet tegelijkertijd op meer dan één kansspelautomaat speelt;
dat op kansspelautomaten door middel van stickers dient te worden gewaarschuwd voor het risico van gokverslaving;
dat personen waarbij sprake is of kan zijn van overmatig gokgedrag worden gewezen op de gevaren daarvan, ten behoeve waarvan voorlichtingsmateriaal beschikbaar dient te zijn;
dat door de exploitant/beheerder van de inrichting gokverslaafden worden geweerd uit die inrichting en worden doorverwezen naar gokverslavingsinstellingen;
dat kansspelautomaten zodanig moeten worden geplaatst dat daarop door het personeel van de inrichting vanaf de werkplek voortdurend toezicht kan worden gehouden.