Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK VI.

Artikel 24

Ruiming, bezorging van overblijfselen en as

Onderdeel van Beheersverordening Moscowa Arnhem 1994

1.. Het voornemen van burgemeester en wethouders om een graf of urnengraf te ruimen wordt gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf of urnengraf geruimd zal worden op een bij het te ruimen graf of urnengraf te plaatsen bordje ter kennis van de belanghebbenden gebracht, tenzij het adres van de rechthebbende op het graf of urnengraf aan hen bekend is. In dat geval delen zij mee wanneer de termijn van uitgifte gaat verstrijken. Als de rechthebbende geen verzoek indient om de termijn te verlengen maken zij uiterlijk een jaar voor het genoemde tijdstip per brief het voornemen tot ruiming bekend. 2.. De bij de ruiming van het graf of urnengraf nog aanwezige overblijfselen van lijken worden begraven en de as wordt verstrooid op een van de daartoe bestemde, afgesloten gedeelten van Moscowa. 3.. Nabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen graf of in een algemeen urnengraf kunnen gedurende de in het eerste lid bedoelde termijn bij de beheerder een aanvrage indienen om bij ruiming de overblijfselen, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor herbegraving elders. 4.. De rechthebbende op een bijzonder graf, kan bij de beheerder een aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze weder in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze elders opnieuw te doen begraven. 5.. De rechthebbende op een urnengraf of urnennis kan bij de beheerder een aanvraag indienen de asbus ter beschikking te houden om elders bij te zetten of om de as te doen verstrooien.

Rechtspraak bij dit artikel