1.
Het college verstrekt aan uitkeringsgerechtigden die
onbeloonde additionele werkzaamheden verrichten,
volgens artikel 10a, zesde lid van de WWB, artikel
38a van de IOAW, artikel 38a van de IOAZ en artikel
23 van deze verordening, een premie van telkens €
300,00 per zes maanden.
3.
Het college beoordeelt elke elke zes maanden het
recht op premie als bedoeld in het eerste lid.
4.
De premie wordt niet gegeven als bij de beoordeling
blijkt dat de belanghebbende de aan de onbeloonde
additionele werkzaamheden verbonden verplichtingen
in de voorafgaande zes maanden heeft
geschonden.
5.
Onverminderd het bepaalde in het eerste lid komen
ook personen als bedoeld in artikel 7, derde lid van
de WWB voor een premie in aanmerking wanneer zij aan
alle voorwaarden voldoen.
Hoofdstuk 4
Artikel 28
Premie participatiebaan
Onderdeel van Reïntegratieverordening WWB, IOAW, IOAZ en WIJ gemeente Overbetuwe 2010 (eerste wijziging)