Als voor belanghebbende, bedoeld in artikel 50, eerste lid van de wet, recht op bijstand bestaat, heeft die bijstand de vorm van een geldlening onder verband van hypotheek of stil pandrecht:
als de bijstand over een periode van een jaar, te rekenen vanaf de eerste dag waarover bijstand wordt verleend, naar verwachting meer bedraagt dan het netto minimumloon, bedoeld in artikel 37, eerste lid van de wet, én
voor zover het vermogen gebonden in de woning met bijbehorend erf hoger is dan het vermogen, bedoeld in artikel 34, tweede lid, onderdeel d van de wet.
Als bijstand wordt verleend in de vorm van een geldlening onder verband van hypotheek als bedoeld in artikel 1, eerste lid van de wet, wordt daartoe mede gerekend de eventuele bijstand in de kosten genoemd in artikel 4, derde lid van de wet.
Artikel 2
Vorm van de geldlening
Onderdeel van Regeling krediethypotheek en pandrecht gemeente Overbetuwe 2010