Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 7 › Paragraaf 3.

Artikel 7:3

Artikel 7:3

Onderdeel van Arbeidsvoorwaardenregeling gemeente Tubbergen

1.. De ambtenaar heeft bij ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte of gebrek vanaf de eerste dag van die ongeschiktheid gedurende 18 maanden recht op doorbetaling van de volle bezoldiging en vervolgens tot het einde van zijn dienstverband 80% van de bezoldiging. 2.. Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt onder ziekte ook gebreken verstaan. 3.. De ambtenaar heeft na afloop van de termijn van 18 maanden recht op volledige bezoldiging: bij arbeidsongeschiktheid in en door de dienst; indien en voor zolang de ambtenaar voor ten minste 45% zijn betrekking vervult. 4.. Een opnieuw ingetreden verhindering tot het vervullen van de betrekking wegens ziekte wordt voor het bepalen van de in het eerste lid genoemde termijn als een voortzetting van de vorige verhindering beschouwd, tenzij die verhindering zich voordoet nadat ten minste vier weken zijn verstreken sedert de ambtenaar zijn betrekking volledig heeft hervat. 5.. De doorbetaling van de bezoldiging, bedoeld in het eerste lid, eindigt indien de ambtenaar definitief wordt herplaatst in een andere functie. 6.. Het college kan nadere regels stellen met betrekking recht op bezoldiging.

Rechtspraak bij dit artikel