Zolang het subsidie niet is vastgesteld kunnen burgemeester en wethouders de subsidieverlening, naast de in artikel 4.50 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde gevallen, met inachtneming van een redelijke termijn, intrekken of ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen ingeval:
het vermogen van de subsidieontvanger meer bedraagt dan met het oog op liquiditeit en aanvaarde bestemmingen nodig is;
indien de subsidieontvanger een rechtspersoon is en deze ophoudt te bestaan.
HOOFDSTUK 3.
Artikel 20.
Intrekking of wijziging anders dan bij wijze van sanctie
Onderdeel van Algemene subsidieverordening 2003