Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1

- Begripsbepalingen

Onderdeel van Verordening Cliëntenparticipatie werk en bijstand

1.. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand en de Algemene wet bestuursrecht. 2.. In deze verordening wordt verstaan onder: de wet: de Wet werk en bijstand; aanverwante regelingen: de wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz); cliënt: de persoon, die een uitkering ontvangt op grond van de de wet of een aanverwante regeling (als onder b), alsmede de persoon die behoort tot de personenkring als omschreven in artikel 7, eerste lid onder a van de wet, alsmede de persoon die behoort tot de personenkring als omschreven in artikel 2 Wet investeren in jongeren; belangenorganisatie: een organisatie te Wageningen, die mede de belangen van cliënten (als onder c) behartigt, waaronder begrepen werknemersorganisaties; het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wageningen; de raad: de gemeenteraad van de gemeente Wageningen. 3.. In deze verordening wordt onder de wet mede verstaan de Wet investeren in jongeren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel