**1..** Het college benoemt en ontslaat de leden van de cliëntenraad. De benoeming geschiedt voor een periode van vier jaar.
**2..** Benoeming van nieuwe leden van de cliëntenraad vindt plaats op voordracht van de cliëntenraad. Het college is niet gebonden aan de voordracht.
**3..** De voorzitter van de cliëntenraad wordt voor een termijn van twee jaar op persoonlijke titel benoemd door het college, op voordracht van het hoofd van de afdeling Sociale Zaken.
**4..** Het college ontslaat de voorzitter of een lid van de cliëntenraad wanneer:
de voorzitter of het lid daarom verzoekt;
de hoedanigheid waaraan het lid zijn benoeming ontleent, eindigt;
de voorzitter of het lid ophoudt te voldoen aan de eisen voor het lidmaatschap van de cliëntenraad of het voorzitterschap zoals in deze verordening gesteld.
**5..** Het college kan de voorzitter of een lid van de cliëntenraad ontslaan:
wanneer hij of zij de geheimhoudingsplicht als bedoeld in artikel 86 Gemeentewet schendt;
op voorstel van de cliëntenraad wegens disfunctioneren van het lid, indien dit voorstel bij meerderheidsbesluit en met redenen omkleed wordt gedaan.
**6..** De aftredende voorzitter of leden van de cliëntenraad blijven, zo mogelijk, hun functie waarnemen totdat in hun opvolging is voorzien. Dit geldt niet in geval van ontslag op grond van het vijfde lid.
Hoofdstuk 2
Artikel 6
– Benoeming en zittingsduur
Onderdeel van Verordening Cliëntenparticipatie werk en bijstand