Voor de overige gebieden gelden de volgende aanvullende criteria: Plaatsing en aantal
• hoogstens één aanbouw per gevel
• minstens 1,00 m achter de voorgevelrooilijn plaatsen met uitzondering van erkers aan de voorgevel
• aanbouw direct tegen de hoofdmassa plaatsen of in identieke vormgeving vergroten Vorm en maat
• plat afdekken of met een van het hoofdgebouw afgeleide kapvorm, -helling en nokrichting
• gevelgeleding van gevels die goed zichtbaar zijn vanaf openbaar toegankelijk gebied afstemmen op de gevels van het hoofdgebouw
• de detaillering is bescheiden, eventueel een overstek, boeibord en ornamenten afstemmen op het hoofdgebouw
• materialen en kleuren bij voorkeur gelijk aan het hoofdgebouw
• goothoogte maximaal 0,30 m boven de vloer van de eerste verdieping en niet hoger dan de bovenzijde van de goot van het hoofdgebouw
• diepte van een erker aan een voorgevel hoogstens dan 0,90 m en breedte niet meer dan 50% van de gevel
• oppervlak hoogstens 50% van het oorspronkelijke zij- of achtererf Aanvullende criteria beschermd gezicht en overig cultureel erfgoed
• aanbouwen zoveel mogelijk achter het hoofdgebouw plaatsen of naast hoofdgebouw in de straatwand opnemen
• grotere aanbouwen uitvoeren met kap, kleinere in beginsel plat afdekken
Hoofdstuk 4 › Paragraaf
Artikel 121
Aanvullende criteria voor bijzondere gebieden
Onderdeel van Welstandsnota Vlaardingen