Voor de bijzondere gebieden gelden de volgende aanvullende criteria: Vorm en uitwerking
• de wijziging maakt geen inbreuk op de architectuur en het tijdsbeeld van de oorspronkelijke gevel
• gevelopeningen transparant invullen (niet blinderen met panelen of verf)
• kleuren afstemmen op de kleuren van het gebouw Aanvullende criteria beschermd gezicht en overig cultureel erfgoed
• kozijn- en gevelwijzigingen alleen toepassen als het herstel betreft van historisch wenselijke eigenschappen
• kozijnen zijn van hout en liggen bij voorkeur verdiept in het gevelvlak
• in gebied 1A:
- metselwerk tussen deuren en ramen (penanten) behouden en versterken in verband met de samenhang in de gevel en relatie met de plint
- de hoogte van de pui aansluiten op de oorspronkelijke kenmerkende hoogte
- samenhang tussen de begane grond en verdieping(en) behouden
- hoofdindeling komt overeen met de oorspronkelijke indeling
- lateien, onderdorpels, raamlijsten, speklagen en rollagen blijven in originele staat of in ieder geval in overeenstemming met de vormentaal van andere in de gevel voorkomende elementen
- de gevelpui is uniek in vormgeving, tenzij de oorsprong seriematig is
- individuele herkenbaarheid van (winkel)panden behouden
- metselwerk tussen deur en kozijn is in de juiste verhouding
- diepte van negge en oorspronkelijke profielafmetingen behouden (bij voorkeur hout, staal of aluminium gebruiken)
- historische materialen en detailleringen behouden of weer zichtbaar maken
- kleuren komen overeen met oorspronkelijke kleuren
- voegwerk past bij het pand, plinten en muurankers zijn donker van kleur
- bakstenen gevels alleen schilderen bij technische noodzaak
Hoofdstuk 4 › Paragraaf
Artikel 133
Aanvullende criteria voor bijzondere gebieden
Onderdeel van Welstandsnota Vlaardingen