Voor de bijzondere gebieden gelden de volgende aanvullende criteria: Plaatsing en maat
• minstens 0,50 m dakvlak aanhouden boven, onder en aan weerszijden van het raam, paneel of de collector
• bij individuele woningen in het dakvlak centreren of geleding voorgevel aanhouden
• op hellende daken vlak aanbrengen, direct op of in het dakvlak, binnen het vlak van het dak en met de hellingshoek gelijk aan het dakvlak
• op platte daken afstand tot de dakrand ten minste gelijk aan de hoogte van het paneel of de collector
• bij meerdere exemplaren identieke maatvoering aanhouden Vorm en uitwerking
• eenvoudig vormgeven en bescheiden detailleren
• eenvoudige en onopvallende kleuren gebruiken afgestemd op het dakvlak Aanvullende criteria beschermd gezicht en overig cultureel erfgoed
• dakramen blijven minimaal 1,00 m onder de nok
• dakramen zijn rechthoekig en verzonken in het dakvlak
• vlakke dakramen hebben een staande diagonaal, worden horizontaal gelijnd (geen strookramen) en zijn in samenhang met onderliggende gevelindeling
Hoofdstuk 4 › Paragraaf
Artikel 144
Aanvullende criteria voor bijzondere gebieden
Onderdeel van Welstandsnota Vlaardingen