Het college biedt éénmaal per vier jaar een (geactualiseerd) treasurystatuut ter kennisname aan.
Het college draagt bij de uitoefening van de financieringsfunctie zorg voor:
het aantrekken van voldoende financiële middelen en het uitzetten van overtollige gelden om de doelstellingen binnen de door de raad vastgestelde kaders van de programmabegroting uit te kunnen voeren;
het beheersen van de risico’s verbonden aan de financieringsfunctie zoals renterisico’s, koersrisico’s en kredietrisico’s;
het zo veel mogelijk beperken van de kosten van de leningen en het bereiken van een voldoende rendement op de uitzettingen;
het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities.
Het college neemt bij de uitvoering van de financieringsfunctie de volgende richtlijnen in acht:
het uitzetten van overtollige geldmiddelen gebeurt uitsluitend bij financiële instellingen met minimaal een AA-rating die is afgegeven door tenminste twee gezaghebbende rating agencies, of bij instellingen voor wiens waardepapieren een solvabiliteitsvrije status is gegeven;
overtollige geldmiddelen worden uitsluitend uitgezet tegen vastrentende waarden, dan wel in producten waarbij de hoofdsom tenminste aan het eind van de looptijd intact is;
Waar mogelijk wordt bij uitzettingen langer dan een jaar eerst gekeken naar de mogelijkheden deze middelen te beleggen bij duurzame fondsen. Waarbij de vergelijking wordt gemaakt tussen “traditionele”beleggingen en duurzame beleggingen op het vlak van rendement;
derivaten worden uitsluitend gebruikt ter beperking van financiële risico’s;
voor het aantrekken van financieringen voor langer dan 1 jaar worden tenminste 2 prijsopgaven bij verschillende financiële instellingen gevraagd;
overeenkomsten voor het aangaan van leningen, het uitzetten van middelen of het verlenen van garanties luiden in euro;
voor de kasgeldlimiet en de renterisiconorm gelden de wettelijke waarden.
Het college informeert de raad indien de kasgeldlimiet de toegestane periode van drie opeenvolgende kwartalen dreigt te overschrijden of indien de renterisiconorm dreigt te worden overschreden.
Verstrekken van leningen en garanties en het aangaan van financiële participaties anders dan genoemd in het tweede lid worden uitsluitend gedaan uit hoofde van de publieke taak. Bij het uitzetten van middelen, het verstrekken van garanties en het aangaan van financiële participaties uit hoofde van de publieke taak bedingt het college indien mogelijk zekerheden.
Het college stelt regels op ter uitvoering van het gestelde onder het eerste tot en met derde lid en legt deze uitvoeringsregels alsmede de regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening vast in een besluit treasurystatuut. Het college zendt het besluit treasurystatuut ter kennisgeving aan de raad.