**1..** Als zich op een terrein één of meer iepen bevinden die naar het
oordeel van het college gevaar opleveren voor verspreiding van
de iepziekte of voor vermeerdering van de iepenspintkever is de
rechthebbende verplicht maatregelen te nemen.
**2..** Wanneer hij daartoe door het college is aangeschreven, is
rechthebbende verplicht binnen een termijn van tien
werkdagen:
de iepen te vellen;
de iepen met inbegrip van het resterende stamdeel direct
en ter plaatse te ontbasten en de bast te vernietigen;
of
de bebaste iepen of delen daarvan te versnipperen.
**3..** Indien de in het eerste lid genoemde situatie zich voordoet,
geldt voor broedbomen een uiterlijke termijn van één dag.
**4..** Het is verboden gevelde bebaste iepen of delen daarvan
voorhanden of in voorraad te hebben of te vervoeren tenzij het
gaat om versnipperd iepenhout.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 3
Artikel 4:11a
Bestrijding iepziekte (z)
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening (APV) Zaanstad 2013