**1..** In artikel 5:43a en 5:43b wordt verstaan onder:
a) Binnenschip: vaartuig dat is bestemd voor de vaart op de
binnenwateren of op dienovereenkomstige buitenlandse
wateren;
b) Schip: elk vaartuig met inbegrip van een watervliegtuig,
een draagvleugelboot, een luchtkussenvoertuig, een
boorinstallatie, een werkeiland of soortgelijk object, een
baggermolen, een drijvende kraan, een elevator, een ponton,
een drijvend werktuig, een drijvend voorwerp of een
drijvende inrichting;
c) Zeeschip: schip dat wordt gebruikt voor de vaart ter zee
of dat blijkens zijn constructie voor de vaart ter zee is
bestemd en elk schip dat is voorzien van een document -
afgegeven door het bevoegde gezag van het land waar het
schip is ingeschreven - waaruit blijkt dat het geschikt is
voor de vaart ter zee
**2..** De kapitein van een zeeschip, de schipper van een
binnenschip of de rechthebbende op een ander soort schip of
object te water is verplicht dit naar elders te verhalen
indien dat naar het oordeel van het college in het belang
van ordening, openbare orde, veiligheid of milieu
noodzakelijk is.
**3..** Het college kan de in het tweede lid bedoelde schepen en
objecten verhalen indien dit op grond van de in dat lid
bedoelde belangen zonder uitstel dringend noodzakelijk is
dan wel de kapitein, schipper of rechthebbende onbekend
is.
Hoofdstuk 5 › Afdeling 6 › Paragraaf 2
Artikel 5:43a
Verhalen anders dan op eigen aanvraag (z)
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening (APV) Zaanstad 2013