De door het college te verstrekken vervoersvoorziening als bedoeld in artikel 22 van de verordening, kan bestaan uit:
een collectief systeem van aanvullend al dan niet openbaar vervoer;
een voorziening in natura in de vorm van:
a.een open elektrische buitenwagen
b. een al dan niet aangepaste gesloten buitenwagen
c. een al dan niet aangepaste auto
d. een ander verplaatsingsmiddel
een financiële tegemoetkoming in de kosten van:
a. aanpassing van een eigen auto
b. gebruik van een taxi, een (eigen) auto of vervoer door derden
c. gebruik van een rolstoeltaxi
d. gebruik van een bruikleen auto
d.gebruik van een bruikleen auto
e.aanschaf van een ander verplaatsingsmiddel
een persoonsgebonden budget te besteden aan een vervoersvoorziening als bedoeld in lid 2.
Hoofdstuk 6.
Artikel 6.1.
Soorten vervoersvoorzieningen
Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning