Het is een inrichting toegestaan maximaal vijf incidentele
festiviteiten per kalenderjaar te houden waarbij de
geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20
van het Besluit niet van toepassing zijn, mits de houder van
de inrichting ten minste drie werkdagen voor aanvang van de
festiviteit het college daarvan in kennis heeft
gesteld.
Het is een inrichting toegestaan om tijdens maximaal tien
incidentele festiviteiten per kalenderjaar de verlichting
langer aan te houden ten behoeve van sportactiviteiten
waarbij artikel 3.148, eerste lid, van het Besluit niet van
toepassing is, mits de houder van de inrichting ten minste
tien werkdagen voor de aanvang van de festiviteit het
college daarvan in kennis heeft gesteld.
De incidentele festiviteit, bedoeld in het eerste lid, vindt
plaats op zondag tot en met donderdag tussen 07.00 uur en
01.00 uur en op vrijdag en zaterdag tussen 07.00 en 02.00
uur.
Het college stelt de wijze vast waarop de kennisgeving als
bedoeld in het eerste en tweede lid wordt gedaan.
De kennisgeving wordt geacht eerst dan te zijn gedaan
wanneer zij tijdig en volgens de wijze die door het college
is vastgesteld, is gedaan.
De kennisgeving wordt tevens geacht te zijn gedaan wanneer
het college op verzoek van de houder van een inrichting een
incidentele festiviteit, die redelijkerwijs niet te voorzien
was, toestaat.
Bij het ten gehore brengen van muziekgeluid binnen in een
inrichting blijven ramen en deuren gesloten, behoudens voor
het onmiddellijk doorlaten van personen of goederen
Hoofdstuk 4 › Afdeling 1
Artikel 4:3