Het besluit tot vaststelling van de inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening bevat in ieder geval:
een beschrijving van de inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening;
de duur van de inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening;
een opgave van de rechten en verplichtingen van de inburgeringsplichtige;
het tijdstip waarop voor de eerste maal aan het inburgeringsexamen moet zijn deelgenomen;
de datum waarop het inburgeringsexamen of staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II moet zijn behaald;
de termijnen en wijze van betaling;
in geval van een oudkomer: de datum waarop de termijn van handhaving van de inburgeringsplicht bedoeld in artikel 26 van de wet aanvangt.