Naar hoofdinhoud
1.. Burgemeester en wethouders wijzen voor elke kern een geschikt stemlokaal aan. 2.. Burgemeester en wethouders benoemen tijdig vóór elke verkiezing de voorzitter en twee leden van het stembureau alsmede een voldoend aantal plaatsvervangende leden. 3.. Burgemeester en wethouders kunnen aanwijzingen geven voor de uitoefening van taken en werk­zaamheden voor de voorzitter, leden en plaatsvervangende leden van het stembureau op de dag van de verkiezing.

Rechtspraak bij dit artikel