**1..** Het bevoegde bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor een
vergunning, verlof of ontheffing binnen acht weken na de datum van
ontvangst van de aanvraag.
**2..** Het bestuursorgaan kan de termijn voor ten hoogste acht weken
verdagen.
**3..** Het bepaalde in het eerste en tweede lid geldt niet voor de
beslissing op:
een aanvraag om een evenementenvergunning als bedoeld in
artikel 2:25, eerste lid;
een aanvraag om een verlof alcoholvrij als bedoeld in
artikel 2:33, eerste lid;
een aanvraag om vergunning voor het vestigen of exploiteren
van een speelautomatenhal als bedoeld in artikel 2:40b,
eerste lid;
een aanvraag om vergunning voor het exploiteren van een
inrichting (grow-, head- en smartshop) als bedoeld in
artikel 2:40j, eerste lid, en
een aanvraag om vergunning voor het exploiteren van een
seksinrichting of escortbedrijf als bedoeld in artikel 3:4,
eerste lid.
**4..** In afwijking van het tweede lid is artikel 3.9 van de Wet algemene
bepalingen omgevingsrecht van toepassing indien beslist wordt op een
aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 2:10, vierde lid,
of een vergunning als bedoeld in artikel 2:11 of artikel 4:11.