Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3

Artikel 12

Clustercoördinatoren

Onderdeel van Organisatieregeling 2008

1.. De clustercoördinator stuurt een cluster aan op resultaatafspraken, zoals door het afdelingshoofd met directie en het college van burgemeester en wethouders overeengekomen. 2.. Hij is belast met de toedeling van werkzaamheden en met de vastlegging en monitoring van de werkafspraken met de werknemers van de cluster. 3.. Hij voert regelmatig inhoudelijk overleg met de medewerker over de toedeling en voortgang van de werkzaamheden. 4.. Hij rapporteert aan het afdelingshoofd, zodat zonodig aanvullende sturingsmaatregelen kunnen worden genomen op het gebied van tijd, prioriteit en capaciteit. 5.. Hij heeft een signalerende rol naar het afdelingshoofd waar het gaat om het functioneren van de medewerkers. 6.. Het afdelingshoofd kan aan de clustercoördinator een deelrol toekennen bij het functioneringsgesprek. 7.. Voorstellen aan het college, afkomstig van de cluster, gaan via de coördinator. Hij verricht een redactionele kwaliteitstoets en een uniformiteitstoets.

Rechtspraak bij dit artikel