Een raadslid die het voornemen van een reis als bedoeld in de Verordening voorzieningen wethouders, raads- en commissieleden meldt, verschaft in de raad informatie over het doel van de reis, de bijbehorende beleidsoverwegingen, de samenstelling van het gezelschap en de geraamde kosten.
Uitnodigingen voor reizen, werkbezoeken en dergelijke op kosten van derden worden altijd besproken in de raad en onder meer getoetst op het risico van belangenverstrengeling. Het gemeentelijk belang van de reis is doorslaggevend voor de besluitvorming.
Het ten laste van de gemeente meereizen van de partner van een bestuurder is uitsluitend toegestaan wanneer het belang van de gemeente daarmee gediend is. Het meereizen van de partner wordt bij de besluitvorming van de raad betrokken.
Het anderszins meereizen van derden op kosten van de gemeente is niet toegestaan. Het meereizen van derden op eigen kosten is toegestaan en wordt in dat geval bij de besluitvorming van de raad betrokken.
Het verlengen van een buitenlandse dienstreis voor privé-doeleinden is toegestaan, mits dit is betrokken bij de besluitvorming van de raad. De extra reis- en verblijfkosten komen volledig voor rekening van het raadslid.
De in verband met de buitenlandse dienstreis gedane functionele uitgaven worden vergoed conform de Verordening voorzieningen wethouders, raads- en commissieleden. Uitgaven worden vergoed voorzover zij redelijk en verantwoord worden geacht.
Artikel 10
Reizen buitenland
Onderdeel van Gedragscode integriteit voor de leden van de gemeenteraad