**1..** De vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van een
commissie en haar subcommissies bedoeld in artikel 14 van het
Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden is gelijk aan het door
de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor
gemeenteklasse 2 vastgestelde maximum.
**2..** Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op de leden
van de commissie voor de behandeling van bezwaarschriften ex artikel
84 Gemeentewet, die als lid van deze commissie een vaste vergoeding
voor de werkzaamheden als bedoeld in artikel 96 van de Gemeentewet
ontvangen.
**2a..** De in het vorige lid bedoelde vergoeding bedraagt € 235,00 voor de
(plv) voorzitter van voornoemde commissie per bijgewoonde
hoorzitting.
De in het vorige lid bedoelde vergoeding bedraagt €160,00 voor de
leden van voornoemde commissie per bijgewoonde hoorzitting. Deze
bedragen worden per 1 januari van elk jaar geindexeerd aan het
Consumenten prijsindexcijfer.
**3..** Geen vergoeding ontvangt degene die zitting heeft in een
commissie
als raadslid of wethouder;
uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een
ambtelijke of bestuurlijke hoedanigheid dan wel van een
functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege
wordt gesubsidieerd;
als vertegenwoordiger van een belanghebbende instelling,
organisatie of groepering, tenzij zijn lidmaatschap van de
commissie tevens in belangrijke mate het gemeentelijk belang
dient.
**4..** n.v.t.
Hoofdstuk IV
Artikel 26
Vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Groesbeek 2014